Doorgaan naar hoofdcontent

Avifauna of seniorenflat ?

                                                                  Het mensdom ten voeten uit.
Met kromme tenen stap ik vanochtend klokslag 6.40 uur mijn bed uit. Ik loop met mijn IPhone in de aanslag mijn bescheiden balkonnetje op. Het is mijn uitslaap zaterdag, deze wordt voor de zoveelste keer wreed verstoord  door het aanhoudende gekras van een stuk of 30à kraaien, kauwen, eksters, en ander gespuis dat veel herrie maakt. Ik maak er maar weer het zoveelste filmpje van voor het dossier, trek mijn slippers uit en klepper voor de zoveelste keer om het gespuis weg te jagen. Ik weet dat het niet aan het dierenrijk ligt, maar aan het mensdom, met de nadruk op de laatste lettergreep. Zij vinden vogels voeren echt nodig in deze hitte en doen dat ijverig elke ochtend. Er worden ook nog eens bakken water bij neer 

gezet, want de arme beestjes zullen wel dorstig zijn. En zo kunnen ze ook leuk badderen.
Op dit moment staan er vier zwembadjes in de tuin voor de vogels, waarvan een schuin onder mijn bescheiden balkonnetje.
Nu heb ik, in de tien jaar dat ik hier woon, veel meegemaakt, maar dit nog niet! Dit spant echt de kroon en loopt de spuigaten uit. Ik heb geen absoluut geen behoefte om dit te laten escaleren en doe wat nodig is om bij mezelf te blijven. In rust en kalmte.
In de wetenschap dat wij een aantal jaren geleden een ongedierte plaag hadden en deze moesten bestrijden met alle middelen die voor handen waren, schrijf ik een aantal maanden geleden een vriendelijk doch dringend verzoek om de vogels niet te voeren en ook geen halve broden, cakes, biefstukken, pannenkoeken en wat maar eetbaar is aan de vogels te verstrekken door het in de tuin te dumpen! Ik bel bij iedere huisdeur op elke verdieping aan, geef het uitgeprinte papier af aan de bewoners met het verzoek of men hier kennis van wenst te nemen en spreek hierbij in stilte de wens uit dat het ophoudt. 
Het lijkt een poosje goed te gaan, er wordt geen voedsel meer in de tuin gestort, maar men komt nu met minder zichtbaar geschut. Vogelvoer! Dat kun je zo lekker anoniem rondstrooien. Kortom, het wordt met de dag erger. Het begint al vroeg in de ochtend wanneer een dame op blote voeten haar dagelijkse bijvul ronde doet en ondertussen vrolijk het voer in de rondte strooit. Na de zoveelste keer merk ik dat ik echt boos begin te worden.
En vertel haar dat zij hier mee op moet houden, dat het niet goed is voor de vogels die hun kostje best zelf in de natuur kunnen opscharrelen. De heide is om de hoek en ze kunnen goed vliegen. Ik heb, naar ik meen, een goed en lang gesprek met haar, waarin ik haar e.e.a. uitleg. Zij begrijpt het ineens en belooft mij het niet meer te doen. Daar ben ik blij mee, dat is in ieder geval positief. Ze vraagt of ze de waterbakken wel nog kan vullen, waarop ik zeg hier geen bezwaar tegen te hebben, het gaat tenslotte om het voeren. Zij houdt haar belofte en voor het eerst sinds tijden kan ik weer een aantal dagen achter elkaar in alle rust wakker worden.
Dan gaat het gonzen in de flat… Er wordt overduidelijk flink geroddeld achter mijn rug. Ik merk het aan mensen die mij opeen schichtig en anders gaan groeten. Ik kan er helaas niet goed mijn vinger opleggen, maar merk intussen dat het voeren lustig doorgaat voornamelijk door iemand die op de begane grond schuin onder mij woont. Hij heeft zichzelf een stuk gras toegeëigend en er een witte vierkante schaal met water opgezet en voert het  fladderende gespuis dat het een lieve lust is. De hele kermis begint weer van voor af aan!
Het gekrijs is nog luider dan anders. Ik kom erachter dat men vanaf de beide hoeken van de flat ook kwistig met voer strooit! Weg rust en stilte waar ik zo van hou en waarvoor ik hier ben komen wonen. Wanneer ik op een ochtend weer wakker wordt geschreeuwd door zo’n 30 vogels is bij mij de maat vol! Dit is echt het mensDOM ten voeten uit. Ik ga vroeg lopen op de heide en maak foto’s van de vele vogels bij de witte bak. Dan stap ik op de bak af, pak het ding op, gooi het water met voer eruit en zet de bak braaf rechtop tegen de pui! De bewoner ziet mijn loopmaatje en schiet weg achter het raam. Wanneer wij uitgelopen zijn en terugkomen, constateren wij dat de bak gevuld met water er weer staat. Dan gaat mijn telefoon.. Ik neem op en krijg een verbolgen medewerker van de verhuurder aan de lijn. Die mij de les gaat lezen over het feit dat ik iets ontvreemd zou hebben van een mede bewoner?? Ik wordt als een klein kind neergezet en op mijn geweten aangesproken, terwijl ik hem duidelijk maak dat er niets is dat ik ontvreemd heb. Ik vertel het verhaal nog maar een keer, maar kennelijk wil deze jongeman niet luisteren en vertelt mij, dat hij van dit incident een rapportage gaat maken en dat hij dit bij de bewonersconsulent ,die op dit moment nog op vakantie is, gaat neerleggen. Hier is geen goed garen mee te spinnen, ik ben uitgepraat en ga met deze jongeman niet verder de discussie aan. Doe, wat je niet laten kunt denk en zeg ik. Ik ga verhaal halen bij de eigenaar van de witte bak, waarvan ik vermoed, dat hij niet degene is die gebeld heeft maar zijn ex. Ik bel aan wetende dat hij thuis is, maar er wordt helaas niet open gedaan. Dan laat ik het erbij zitten. Het gegons neemt rare vormen aan. Ik wordt aan alle kanten gemeden als zou ik een zware misdadigster zijn. Ik probeer het naast mij neer te leggen dat wil niet helemaal lukken. Ik vraag een gesprek aan met de wijkagent, die in burger, hier thuis komt om e.e.a. door te spreken. Wij hebben een goed gesprek en nadat hij mij heeft aangehoord, de situatie heeft opgenomen en wat beeld materiaal heeft bekeken, gaat ook hij hiervan een rapportje opmaken. Dat voelt in ieder geval alsof ik gesteund wordt in deze.
Een bemiddelingsgesprek hierover, is mijns inziens na het volgende voorval zeker geen optie meer. 
De woeste ex, komt in de middag met haar hondje in de tuin en een grote pan water die ze op het grasveld neerknalt. Ze is duidelijk over haar toeren. Dan volgt er een aan mijn adres gerichte ordinair geschreeuwde mededeling. ‘Als jij hier durft aan te komen met je gore poten, dan zal je wat beleven hoor! Waarop ik vanaf het balkon zo rustig mogelijk met luide stem terug zeg’ dat ik niet onder de indruk ben van haar dreigementen en ook niet van haar aantijgingen. Ik ben helemaal niet gediend van deze vorm van gedrag. Met opgeheven wijsvinger roept ze nog steeds luid en woest er achteraan, dat het geklepper (om de vele vogels te verjagen) met mijn slippers moet ophouden!. Dat ik wel weet, dat ik nu gewaarschuwd ben en daar rekening mee moet houden.. pffff denk ik, wat een gedoe. Intussen heb ik het gevoel of mijn keel wordt dichtgeknepen en ga ik het maar weer bij de wijkagent melden, die in deze helemaal niets kan doen, maar het  wel wederom rapporteert. Gelukkig komt onze eigen bewonersconsulent binnenkort terug van vakantie en willen mijn vriendin en ik een goed en lang gesprek met hem hebben. De pan met water staat in de volle zon!...

Wat schetst mijn verbazing, dat er in de namiddag opeens in het blikveld van mijn balkon een soort van vergadering belegd wordt. Buren vergadering?? Gezellig op het gras, met stoelen en bier flink rokend vindt er een samenzijn plaats, dat zet ik wel even op de kiek natuurlijk te aanvulling van het dossier. Op het gras?? Provocatie en intimidatie. 
Och arm, een van de oudste bewoners wordt ook op een stoel geplant en met grote zonnehoed op, volgt ook zij het gesprek. Het geeft een trieste aanblik. Het moest niet mogen.
De volgende ochtend zit ik weer in de horror movie van krijsende vogels en klepper ik, net als vanochtend, wederom luid met mijn slippers om de schreeuwers te verjagen. Ook gooi ik zo af en toe een flinke plens water naar beneden, dat wil ook nog wel eens, (zij het kortstondig,) helpen. In de namiddag komt het roddelclubje, nu provocerend met z’n allen rond de pan zitten en zie ik dat de dame op blote voeten, alle badjes weer van vers water heeft voorzien. Dan stap ik op mijn balkon om dit keer in alle openheid foto’s van de bijeenkomst te maken. ‘Ohhhh schreeuwt de ex, zie ik het nou goed? Ben jij foto’s aan het maken, maar dat mag helemaal niet. Vieze vuile stiekemerd. Kom maar naar beneden als je durft!’ Ik reageer nergens op, maar blijf haar strak aankijken en denk ziezo, jullie staan er gekleurd op. De volgende dag zit de harde kern, zo ver als ze kunnen bij de hoek van de flat, zodat ik ze bijna niet kan zien. Ik zie ze echter toch en reageer wederom niet.
Vanochtend om 6.40 uur is het gekrijs weer niet van de lucht en mijn geklepper ook niet.
Dit verstoord mijn rust en het aangenaam wakker worden op mijn stille vrije uitslaap ochtend. Dit is niet wenselijk en zeker niet in deze gemeenschappelijke tuin. Ik klepper een flink aantal keren en neem van dit ongemak dit keer een filmpje op. Kraaien zijn slimme vogels net als de duiven, ze krijsen om eten en krijgen het van het mensdom in overvloed, dus waarom zouden ze hiermee stoppen? Er is helaas maar een manier ‘Het mensdom kan dit zelf stoppen.’ Stop gewoon met vogels bijvoeren! En laat de rust weder keren!
Get a life! En hou je vooral voor de verandering eens daarmee bezig. 
J©sephientje.

José Bosma 13-8-2022

Reacties

Populaire posts van deze blog

SEPTEMBER

  September  Wanneer wij, (het volledige stoksjok team) moedig op pad gaan, een klein beetje regen trotserend, hebben wij het helemaal naar ons zin op de heide. Wat is het weer genieten met een grote G. Dit nodigt uit tot het maken van mooie plaatjes van de in het oog vallende, eerste paddenstoelen in deze aanloop naar de herfst. Na de eerste loopronde, rusten wij altijd even uit bij ‘Tante Jans’ het half vergane en bijna gesloopte dierbare bankje doet nog prima dienst als uitrust plek voor deze twee ijverige stoksjokkers van Nederland. We puffen even uit en bekijken de geschoten plaatjes, maar genieten vooral van de rust en stilte op dit vroege tijdstip.   FOUT! Helemaal FOUT.  Achter ons ligt een stuk uitgestrekte heide dat zich in al haar kleurenpracht toont, alleen daar al wordt je stil. Plotseling horen wij, uit het niets, flarden van heel druk gepraat. Wij kijken elkaar aan en hebben zoiets van ‘moet dat nou zo nodig?’ weg serene rust, weg stilte. Wanneer wij ons omdraaien om een

Feest...

Feest… Afgelopen zaterdag was het feest. De boekpresentatie van collega schrijfster en vriendin Carlita van Rossum was eindelijk een feit.Door alle gedoe met corona, werd alles al een aantal keren uitgesteld, maar zaterdag was het dan zover.  Ik was uitgenodigd om de aankondiging te doen en voelde me zeer vereerd. Niet alleen met deze taak, maar ook om haar bij te staan vanwege alle zenuwen die zo’n presentatie teweeg brengt en om Carlita te steunen haar ZEN te bewaren. Ik moet zeggen dat spreken voor een flink aantal mensen mij geen angst in boezemt, maar speechen voor mij ook geen dagelijkse kost is en ook ik een gezonde spanning voelde toen ik achter de microfoon plaatsnam.  Ik perste de eerste zinnen voor mijn gevoel hakkelend mijn stembanden uit, maar daarna liep het gesmeerd en kon ik met veel welgemeend genoegen mijn lieve collega een pluim op haar hoed geven voor haar schrijfwerk en zeker voor haar laatste dichtbundel, waar het gevoel haar de diepte in liet gaan die de lezer ze